Bij het zelf maken van een speelhuisje komen vele materialen kijken, net als bij het kant en klaar kopen van een doe-het-zelf pakket en bij de mogelijkheid om een kant en klaar huisje te laten plaatsen. Welke materialen heb je nodig voor je speelhuisje? Welke gevaren komen daarbij kijken?
Hoofdbestandsdeel van speelhuisjes is over het algemeen hout. Een trappetje, het skelet of het dak, zeker als je zelf aan het bouwen bent is het de meest logische keuze om voor hout te kiezen. Hout is goedkoop en makkelijk te bewerken, maar kent ook enkele nadelen. Hout is bijvoorbeeld brandbaar wat een extra risico met zich meebrengt. Bovendien kan hout soms splinters geven, dit is makkelijk te vermijden door goed geschaafd hout te gebruiken en dit eventueel nog eens te schuren. Een ander nadeel van hout is dat het standaard bouwhout (vuren) niet erg duurzaam is. Onbehandeld gaat buiten maar een jaar of vijf mee. Dit probleem is te ondervangen door geimpregneerd hout te gebruiken. Vroeger werden hiervoor giftige stoffen (zgn. Wolmanzouten) gebruikt. Deze mogen echter niet meer en nieuw geimpregneerd hout is dan ook veilig te gebruiken. Kijk hier voor meer tips voor een lange levensduur van een houten speelhuisje.
Speelhuisjes zijn er ook van kunststof. Deze maak je over het algemeen niet zelf maar kun je kant en klaar kopen. Ze zijn er vaak in vele kleuren en maten, zijn vaak wat kleiner dan de houten versies en kennen de nadelen van hout en m.b.t. duurzaamheid en splinters niet. Plastic zal ook niet snel ontbranden, maar wanneer dit toch gebeurt is het hek van de dam. Kunststof speelhuisjes worden geleverd door enkele grote producenten zoals Little Tikes en Feber.